VIBA Café 7 oktober 2010 :: Een duivelse symfonie

Stadslawaai en de symboliek van geluid in de 20e eeuw

prof.dr. Karin Bijsterveld

 

Klachten over lawaai zijn van alle tijden. Maar vanaf het eind van de 19e eeuw werd in het Westen vooral veel over het geluid van moderne technologie geklaagd. Een paar decennia later werden overal anti-lawaai-verenigingen opgericht. De leden ervan organiseerden campagnes, conferenties en tentoonstellingen om de herrie van fabrieken, treinen, auto’s, radio’s en grammofoons aan de orde te stellen. Die openbare discussie gaat tot op de dag van vandaag door.

In haar boek Mechanical Sound onderzoekt Karin Bijsterveld waarom het lawaai van technologie niet meer van de publieke agenda verdwenen is. Dat doet ze aan de hand van vier druk bediscussieerde vormen van lawaai in Europa en de Verenigde Staten tussen 1875 en 1975: industrieel lawaai, verkeerslawaai, het lawaai dat buren elkaar met behulp van audio- apparatuur aandoen, en vliegtuiglawaai.

In haar lezing “Een duivelse symfonie” bespreekt Bijsterveld met behulp van plaatjes én geluiden hoe in het Westen het probleem van verkeerslawaai in de eerste helft van de 20e eeuw werd besproken en aangepakt. Vervolgens beantwoordt ze de vraag waarom de lawaaiproblematiek in brede zin ook daarna op de publieke agenda is blijven staan.

Personalia:

Karin Bijsterveld is hoogleraar wetenschap, technologie en moderne cultuur aan de Universiteit Maastricht.

 

VERSLAG Viba-café 7 oktober 2010

Voorzitter: Clairette Gitz

Spreker: Karin Bijsterveld

Aanwezig: ca. 25 personen

Scribent Jan Verkuylen

Karin Bijsterveld is historica en speelt als hobby de fluit. Ze is hoogleraar Wetenschap, Technologie en Moderne Cultuur aan de Universiteit van Maastricht. Ze schreef het boek Mechanical Sound, 2008.

De titel van haar lezing was: "Een duivelse symfonie. Stadslawaai en de symboliek van geluid in de 20ste eeuw".

Apen in paniek maken een hels kabaal. Andere dieren reageren vergelijkbaar. Hooligans en demonstranten doen niet anders. Veel lawaai duidt op niet veel goeds.

Klachten van mensen over het lawaai zijn van alle tijden. De paardenwagens op de stenen straten in Rome. Het lawaai van de ambachtslieden in de middeleeuwse steden. En vanaf 1850 toenemend stadslawaai door de komst van de machine, de treinen, de auto's.

De klachten komen steeds van mensen die met hun hoofd werken. Schopenhauer en Lessing zijn erom bekend. Voor professoren in Leiden gold in de middeleeuwen een "recht op stilte". In hun straat geen lawaaimakers.

Stilte staat voor het hogere, voor ordelijk en beschaafd leven. Lawaai voor het lagere. Cultuur belichaamt een ontwikkeling richting stilte. Antroposofisch is bekend dat in de ceremonies het onritmische musiceren de chaos uitdrukt en ritme de orde brengt. De mens heeft behoefte aan orde en stilte. Hoe deze in een samenleving te bereiken.

Vanaf 1850 zwellen de klachten tegen het stadslawaai aan met een hoogtepunt rond 1935. Veel acties in vooral Amerika en Engeland. Het is de tijd van de industriële ontwikkeling. De groei van de lawaaierige steden en een nog stil platteland.

De steden hebben nog het oude stratenpatroon afgestemd op het paardenvervoer. De groei van de steden in combinatie met het nog ongeordende mechanische verkeer leidt tot stedelijke chaos. Le Corbusier schrijft in 1927 dat de stad sterft aan de chaos. In1930 verschijnt het klassieke document City Noise.

Acties tegen lawaai zijn velerlei. Opvoeding inzake onnodig lawaai. Stiltepolitie tegen getoeter. De CIAM promoot betere stedelijke planning: scheiding van wonen, werken en verkeer. De acties hebben gedeeltelijk succes. Nieuwe wetgeving. Minder lawaaierige machines. Wetenschappelijk een betere definiëring van geluid en daardoor objectieve normstelling. Echter de groei van de bevolking en de welvaart, gaat gepaard met meer en meer geluidsmakers van grasmaaiers tot vliegtuigen. En dat in een 24-uurs economie, waarin geen plaats meer is voor de zondagsrust. We leven in een cultuur van permanent lawaai.

Er lijkt thans sprake van een zekere aanvaarding. Lawaai is een nevenproduct van de economische groei maar er wordt gewerkt aan stillere motoren. Horen is een subjectieve zaak maar de normstelling objectiveert. We leven in een visuele cultuur maar visuele informatie is ook een reactie op het lawaai.

Het lawaai heeft ook een doorwerking in de moderne muziek. Gershwin, Stravinsky, pop, spelen in op de kakafonie van moderne geluiden. Tegelijk is er het streven naar het redden van stilte in de vorm van bijvoorbeeld stiltegebieden in de natuur en stiltecentra in de steden en recent in stiltewoningen.

Een duivelse symfonie.

Eva liet zicht verleiden door de duivel. De mens verliet het paradijs. Hij is gedoemd te leven en te werken in zijn lawaaierige woonstede. Voortdurend stotend op de grenzen van de gezondheid en leefbaarheid.

Met dank aan Karin Bijsterveld voor haar inspirerende heldere verhaal.