Strobouw wordt zelfs door sommige gemeenten met open armen ontvangen. Voor 'duurzaam bouwen' zijn tal van stimuleringsmaatregelen getroffen waaronder subsidies. Tot nu toe zijn vrijwel alle bouwaanvragen voor strobouw projecten gehonoreerd. Dit betekent echter niet dat zomaar ieder bouwaanvraag voor Strobouw wordt gegegund. Het is van groot belang dat een bouwaanvraag goed wordt voorbereid. In Nederland bevindt het strobouwen zich nog in een begin fase maar in de VS is het al zo verbreidt dat er zelfs specifieke bouwverordeningen voor strobouw van kracht zijn. Hoewel de huidige sterke opkomst van strobouw van zeer recente datum is, is de techniek van strobouw al op een stevige basis gegrond. Hierbij heeft het internet, door een snelle uitwisseling van ervaringen een onmisbare rol gespeeld.
Constructie eisen
Er zijn globaal twee karakteristieke bouwwijzen ontstaan, dragend en niet-dragend. Het onderscheid wordt bepaald door het al of niet dak dragend zijn van de strobalen. In beide gevallen worden strobalen op elkaar gestapeld. De strobalen worden op een of andere wijze aan elkaar verbonden en later aan binnen en buiten zijde geheel afgestuct. In onze klimaat is een kalk stuc het meest aangewezen voor de buitenzijde. Binnen kan ook leem worden toegepast. De stuclaag vervult een aantal belangrijke functies; constructief, bescherming tegen de elementen, ongedierte, en brandwering. In Nederland zal over het algemeen met niet dragende strobalen wanden worden gebouwd. Ten eerste omdat het gewenst is om een dak te hebben om de strobalen tijdens de bouw droog te houden. Een skelet is dan noodzakelijk om het dak te dragen bovendien biedt het skelet veel meer vrijheid om ramen, en deuren te plaasten. Ten tweede omdat er in Nederland meestal voor woonhuizen in 2 of meer verdiepingen wordt gebouwd. Het is dan constructief eenvoudiger om met een dragend skelet te werken. Ten derde omdat een bouwaanvraag veel eenvoudiger is omdat de constructieberekening gewoon betrekking kan hebben op het dragend skelet, dit is bekend terrein voor constructeurs en de gemeentelijke bouwtoezicht waardoor een bouwaanvraag veel voorspoediger zal verlopen.
Brand, isolatie en geluid
Naast deze constructieve eisen wordt er ook door de bouwverordening eisen gesteld ten aanzien van de brandwerendheid (>B30, ruim), warmteisolatie (RC>6) en eventueel geluidwering (55 dBA). Een aan beide zijden bepleisterde strobalen wand kan ruimschoots voldoen aan de gestelde eisen. Er is ook voldoende documentatie voor handen om dit aan te tonen.
Vocht
Een aspect waar bijzondere aandacht aan besteed moet worden bij strobouw is dat er geen vochtophoping in de wand mag plaatsvinden. Dit is te bereiken door een juiste detailering en uitvoering van de strobouw wanden. Bovendien stelt het ook eisen aan het ontwerp.
- Van belang is dat er voldoende dakoverstek is (600mm per verdieping) om de wanden te beschermen voor teveel regeninslag.
- Daarnaast moeten de onderste laag strobalen ten minste 200mm (300mm is aan te raden) boven het maaiveld worden geplaatst, tegen opspattend regenwater. Behalve dat hierdoor de directe vocht belasting van het pleisterwerk minder wordt is door de hogere plaatsing een betere luchtcirculatie verzekerd waardoor na een bui het sneller droogt.
- Het is ook van belang dat de onderste laag balen minimaal 20 boven de afgewerkte binnenvloerniveau zijn opgetild dit ter voorkoming van vochtschade door schoonmaakwater of onverhoopte lekkages.
- De detailering van aansluitingen tussen het pleiterwerk en andere onderdelen zoals kozijnen en het dak moet zodanig worden uitgevoerd dat luchtlekkages worden vermeden. Een simpele kitvoeg aanbrengen is meestal onvoldoende omdat de dichtheid van deze voeg na verloop van tijd niet meer verzekerd is door werking van de constructie. Aansluitingen op pleisterwerk dienen zo uitgevoerd te zijn dat er minstens éé n knik onstaat op het aansluitvlak tussen pleister en aansluitende constructie.
- De wandopbouw en detailering moet zodanig zijn uitgevoerd dat koudebruggen zoveel mogelijk worden vermeden. Dit vooral ter voorkoming van inwendige condensatie ter plaatse van koudebruggen.
Auteurs
Deze bijdrage is geschreven door Rene Dalmeijer van de werkgroep Strobouw.